zaterdag, 13 augustus 2016

Onkruidtollerantie.

Vandaag las ik in de krant dat een burgemeester aan de minister vroeg om ondanks het huidige verbod toch sproeistoffen te mogen gebruiken om zijn gemeente onkruidvrij te houden. Een kortzichtige denkwijze die ten zeerste af te raden is. Eigenlijk zou men beleidsmensen die op deze manier denken strafpunten moeten geven. En als ze dit blijven doen zelfs uit hun functie zetten. Want eigenlijk breng je met deze dubieuze bedenkingen met milieu en dus ook je dorpsgenoten in gevaar. Zijn motivatie om deze brief naar de minister te sturen is zo goed als zeker ingegeven door een groepje luidroepende inwoners die ook niet verder denken dan hun eigen voortuin. En hoopt deze burgervader dan ook hiermee stemmen te winnen. Maar tegelijk zal hij op termijn zijn eigen kiezers verminderen door ze langzaam te vergiftigen. Daar heeft hij misschien nog niet aan gedacht.

orser-bylaw-teeth.png

Anders denken.

De huidige manier van onkruidbestrijding is natuurlijk arbeidsintensiever en duurder. Hoewel dat laatste wil ik even ontkrachten. Want als we niet gaan investeren in gezondere bestrijdingsmethodes gaat het ons uiteindelijk heel veel kosten. We gaan het namelijk betalen met ons leven. 

De inspanning is echter broodnodig. We gaan er ons gewoon mee moeten verzoenen dat het meer werk gaat kosten om alles onkruidvrij te houden. Maar ook hier wil ik weer een stelling naar uw hoofd smijten. Moeten we onkruid wel bestrijden. Alvast niet op het niveau dat we gewoon zijn. Heel wat mensen zien een proper voetpad of plein als een van alle plantjes en mosjes ontdane vlakte waar je je boterham zo van de grond zou kunnen eten. Gras is eventueel toegelaten, maar dan achter de door ons opgestelde barrière en liefst alle sprietjes even lang geknipt. Andere planten horen hier niet te staan. Die verbannen we naar andere plaatsen die we namen geven als ruigtes, vuile weides en wildernis. Niet echt flatterende benamingen.

55527029.jpg

Maar als we nu eens toleranter worden jegens die planten die wij onkruid noemen. Zo zal je zien dat een rotonde die vol staat met allerlei begroeiing even functioneel is al eentje die vol ligt met klinkers. En dat je op een stoep met hier en daar wat plantjes tussen de straatstenen even goed kan stappen dan eentje zonder die groene rakkers. En dat op een kerkhof de overledenen ook nog mooi blijven liggen in hun graf als blijkt dat boven hen een iets weelderigere plantengroei te zien is dan wij nu verwachten.

Groene rust.

Op dat kerkhof wil ik iets dieper ingaan (klinkt een beetje luguber). In het artikel werd gesteld dat een kerkhof vol onkruid (plantjes dus) een schande is en respectloos is tegenover de familie van de overledenen. Maar ik zie vooral dat kerkhoven veel ruimte in beslag nemen en misschien moeten we die wat beter benutten. En mijn tweede bedenking is of het wel nodig is om een afgeborstelde omgeving te maken van een begraafplaats. Het hoofddoel van zo een plaats is dat de nabestaanden een plaats hebben om te rouwen en te herdenken. Misschien dat een meer natuurlijke omgeving met bomen, struiken en andere planten wel kan bijdragen aan dit proces. Volgens mij veel aangenamer dan op een kil kerkhof. En tegelijk lossen we het probleem van de burgervader van Heers voor een deel op zonder dat we die nabestaanden nog een grotere dosis vergif toedienen. Iets om eens over na te denken.

full_Begraafplaats-Tjoenerhof-in-Diepenveen.jpg

In Deventer hebben ze het al door.

20:18 Gepost door Dirk | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.