maandag, 03 oktober 2016

Onder water onderzoek.

Nieuwe vondst.

Momenteel wordt er hard gewerkt in de Grote Beemd door VMM. Zo worden er dijken en sluizen aangelegd om het gebied zijn oude functie als natuurlijk overstromingsgebied terug te geven. En aan de Graetmolen is men dan weer gestart met het aanleggen van een vistrap. Zo zal de vroegere waterval vervangen worden door een langzaam aflopende trap waardoor de visjes dan ook stroomopwaarts kunnen zwemmen om een partner te vinden. 

Hiervoor werd de beek over een lengte van ongeveer 100 meter drooggelegd. En dit door de beek even te herleggen. Zo simpel is dat. Er werd een diepe geul gegraven en de Herk werd even afgedamd. Deze ingreep is natuurlijk maar tijdelijk, maar wel indrukwekkend.

werken grote beemd0001-11.jpg

De "nieuwe" Herk.

Zoektocht.

En enkele bokjes-leden zagen dit als een mooie kans om eens te onderzoeken wat er zoal rondzwemt in onze Herk. Want zit er wel vis op deze beek ? Jazeker, meer dan de meeste mensen denken. Op het drooggelegde stuk ontstonden wat plasjes waar een aantal vissen in bleven zitten. Mien, Jan en Gert haalden hun schepnet uit de kast en gingen op onderzoek. De buit was de moeite met heel wat stekelbaarsjes en grondels. Maar één exemplaar deed hun adrenaline toch een stukje stijgen. 

werken grote beemd0001-10.jpg

Het onderzoeksgebied.

Snordraden.

Jawel, een mooie zeldzaamheid bleek onze Herk zuiver genoeg te vinden om er in rond te zwemmen. Een klein visje met snordraden werd uit het net gehaald. Dit was, na enig opzoekwerk, zonder twijfel een bermpje. Een mooie vondst. En weer een extra soort erbij op de ondertussen toch mooie lijst van bewoners van onze natuurgebieden in Wellen.

Bermpje_700x500_JH.jpg

Foto van een bermpje.

Op de website van RAVON (werkgroep amfibiëen, reptielen en vissen van Nederland) vonden we volgende info over onze zeldzame vondst.

Uiterlijk
Bermpje (Barbatula barbatula) is een langgerekte bodemvis die behoort tot de familie van de bermpjes (Balitoridae). De kop is enigszins afgeplat met een naar beneden gerichte bek met zes bekdraden: vier op de bovenlip en twee in de mondhoeken. De huid is glad zonder zichtbare schubben met een donker- tot bruine kleur met onregelmatige donkere vlekken op de flanken. De soort kan een lengte van circa 20 cm bereiken maar blijft meestal kleiner. De grote en de kleine modderkruiper vertonen gelijkenis met het bermpje. Grote modderkruiper heeft tien bekdraden. Kleine modderkruiper heeft een stekel onder het oog en een regelmatig vlekkenpatroon.

Leefgebied & levenswijze
Bermpje komt voor in een groot deel van Europa met uitzondering van Noordelijk Scandinavië, Schotland, het Iberisch schiereiland en Griekenland. Het verspreidingsgebied strekt zich uit tot aan de Oeral. De soort prefereert ondiep stromend water met voldoende dekking in de vorm van stenen, takken en planten. In Nederland komt bermpje voornamelijk voor op de pleistocene zandgronden. Beken vormen hier het belangrijkste leefgebied maar ook in vaarten en sloten waar sprake is van enige stroming wordt de soort aangetroffen. Het voedsel bestaat uit bodembewonende ongewervelden die met behulp van de bekdraden worden gevonden. Bermpjes paaien ’s nachts in de periode van april-juni waarbij de eitjes in de waterkolom worden verspreid waarna ze zich hechten aan aanwezig substraat zoals takken en planten.

Bedreigingen en bescherming
De soort is vrij algemeen in Nederland ten oosten van de lijn Bergen op Zoom-Groningen. Bermpje heeft in het verleden te lijden gehad van de verslechtering van de waterkwaliteit en het normaliseren van beeksystemen. Als gevolg van de verbeterde waterkwaliteit en beekherstelprojecten komt de soort in veel beeksystemen weer algemeen voor. Het bermpje is, hoewel de soort niet door beroeps- of sportvissers bevist wordt, op 1 juli 2010 opgenomen in de Visserijwet zonder beperkingen en verwijderd uit de Flora- en faunawet.

20:14 Gepost door Dirk | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.