woensdag, 10 mei 2017

Overlast.

Een stevige bui en mijn verkeerde beslissing om zonder regenjas of paraplu de stad in te trekken deden mij een klein cafeetje op de hoek van de straat binnen te lopen. De tafeltjes waren allemaal leeg en enkel aan de toog stonden drie stamgasten te keuvelen. "Een koffie graag "antwoordde ik op de vraag van de cafebaas wat ik graag wou drinken. "Wat een weertje" zei hij toen hij de dampende kop koffie met een onverpakt speculaasje ernaast voor mij neerzette. Maar verder ging onze conversatie niet.

Terwijl ik het duidelijk al heel lang geleden ingerichte interieur even bekeek als tijdverdrijf ving ik het gesprek op van de drie stamgasten aan de andere kant van de toog. Luistervinken is onbeleefd, maar ik had toch niets beters te doen. Daarom probeerde ik hun geanimeerde gesprek een beetje te volgen.

"Vroeger waren er veel minder" was de eerste zin die ik hoorde. "Natuurlijk" zei zijn maat "toen mocht je ze nog zonder problemen afknallen. Ik weet nog dat ze in groepen werden samengedreven en dat ze er tientallen, neen honderden neerwaaiden". De derde pikte in op het gesprek "Nu zitten ze werkelijk overal. Bij mij in de buurt zijn er vorig jaar weer een heleboel bijgekomen. Ze maken hun hol gewoon bij mijn achterdeur. Zonder dat even te vragen. Ik heb gehoord dat mijn neef is moeten verhuizen van de ene dag op de andere omdat ze zijn eigendom gewoon hadden afgegraven". "Ja" antwoordde de andere "En niets helpt om ze weg te krijgen. Ze komen werkelijk overal binnen". "En je moet oppassen als ze binnen geraken. Dan is het helemaal om zeep. Wat een rommel dat ze achterlaten". "Ik heb zelfs gehoord dat er al iemand gestorven is door hen. Ik las dat ze giftig zijn. Na een bezoek aan zijn huis is die ganse familie op een paar dagen tijd overleden". Het werd even stil alsof ze voor de slachtoffers van hun laatste repliek even een minuut stilte wilden houden. "Waar is de tijd dat we soms dagen geen van hen tegenkwamen. Kilometers in de omtrek geen enkele te bespeuren" zuchtte een van hen. "Ze zouden ze allemaal moeten opruimen". "Ja, maar ze zijn beschermd schijnt het". En ze staarden alledrie naar de al iets minder hevig neergutsende regen door het raam. "Onbegrijpelijk, als je ziet wat een boeltje ze kunnen klaarmaken". "Hoeveel hebben geen last van hen". "En als ze ons iets aandoen dan gebeurt er niets. Zij mogen alles zonder dat er ook maar iemand iets over zegt". Het gesprek viel stil en dat deed ook de regenbui. Tijd om terug te vertrekken. Ik betaalde mijn koffie en stapte naar buiten.

Toen ik de drie stamgasten passeerde knikten ze even naar mij. Ik kende hen al lang, ze woonden in mijn buurt, en ook hun harde bestaan en problemen. "Dag meneer Das, dag meneer Marter, dag meneer Vos" begroette ik hen vriendelijk. En terwijl ik de deur achter mij dichttrok voegde ik er beschaamd aan toe : "Sorry voor de overlast".

the-fox-at-the-bar-t-shirts-mens-premium-t-shirt.jpg

19:55 Gepost door Dirk | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.