woensdag, 27 september 2017

Translocatie, do or don't ?

Deze week de Natuur.Focus in de bus gekregen met daarin een boeiend artikel van Joachim Mergeay over translocatie. Het verplaatsen van dieren of planten van het ene gebied naar het andere om de soort te herintroduceren. De vraag is of dit verantwoord is en in het artikel wordt zelfs gesteld dat dit in ons versnipperde landje soms de enige keuze is. De moeite om eens nader te bekijken.

Versnippering.

De stelling is dat natuurlijke dispersie in ons sterk versnipperde landschap een onbegonnen zaak is voor heel wat soorten. En de bestaande populaties blijken vaak te klein om op zichzelf stand te houden. Het creëren van natuurlijke corridors is een mogelijke oplossing. Maar die is vaak duur om uit te voeren of vaak zelfs gewoon onuitvoerbaar. Daarbij komt dan ook nog eens dat afstand ook een bepalende factor is. Zo daalt de kans op een succesvolle kolonisatie van een ander gebied sterk als de afstand hiervoor groter wordt. Conclusie is dat in een versnipperd landschap kolonisaties van andere geschikte gebieden zo goed als onbestaande zijn. Zo zullen heel wat soorten hun zoektocht naar een nieuw gebied staken (meestal omdat ze er het loodje bij leggen) als ze wegen, dorpen of zelfs akkergebieden tegen komen. Hoe kleiner de soort hoe minder groot de obstakels moeten zijn om hun tocht te laten mislukken.

1050146_orig.jpg

Noodzakelijk.

Daarom stelt de auteur dat een mogelijke optie is om soorten te herlocaliseren. Dus weghalen uit een succesvolle populatie en ze herintroduceren in een nieuw gebied. De mens lost het probleem van obstakels van een versnipperd landschap op die manier op. Wel wordt het als een voorlopig lapmiddel voorgesteld. Want in eerste instantie is het realiseren van geschikte leefgebieden prioriteit. Maar het blijft een probleem dat de soort waarvoor het gebied met veel beheerswerk werd ingericht gewoonweg er niet geraakt. En ook de versnippering zou moeten aangepakt worden. Maar dit is vrees ik een droom die niet dadelijk werkelijkheid gaat worden. Translocatie is dus voor heel wat soorten de enige optie. Maar wel op een doordachte en vooral voorzichtige wijze. Op die manier kunnen we met uitsterven bedreigde soorten van de ondergang redden. Maar dan mag het natuurlijk daarbij niet blijven. Als we de kern van het probleem niet aanpakken, namelijk te kleine gebieden met te kleine populaties in een versnipperd landschap, zullen we met het verplaatsen van soorten op termijn niets oplossen.

Leuk was ook de uitleg waarom zeldzamere planten hun vermogen om verdere afstanden te overbruggen niet hebben ontwikkeld. Zo blijkt dat deze soorten zwaardere zaden hebben die door de vervoerder zoals de wind, insecten of andere bronnen daarom niet over een verre afstand kunnen verplaatst worden. Meer voorkomende planten hebben dan weer lichte zaden die makkelijk kilometers ver verspreid worden. Vroeger was dit net nodig om zich te vermenigvuldigen voor deze soorten omdat zij toen de zeldzame vertegenwoordigers waren. Het toenmalige extensieve landgebruik had als gevolg dat weides, hooilandjes, heidegebieden vol stonden met planten waar wij nu enkel van kunnen dromen. De planten die nu heel veel voorkomen en groeien op intensief gebruikte of sterk bemeste gronden kwamen vroeger enkel voor op kleine plekjes waar veel mest aanwezig was (die plekjes waren toen schaars) of op druk gebruikte wegen. Dus hadden ze lichte zaden nodig om zich te verspreiden om nog zo een plekje tegen te komen. Ondertussen is door onze superintensieve landbouwmethodes alles net omgekeerd. Heel veel overbemeste gronden en heel weinig extensief gebruikte en onbemeste gronden (meestal enkel in natuurgebieden). Jammer genoeg hebben die planten deze ommekeer niet opgepikt en zijn ze slachtoffer van hun toenmalige aanpassing van hun voortplanting.

Onze kam.

Niet zonder reden wordt in het artikel de kamsalamander aangehaald als voorbeeld om zijn stelling dat translocatie noodzakelijk is hard te maken. Deze soort geeft duidelijk aan waar  de knoop zit. Dat ervaren we in ons eigen dorp aan den lijve. Wij hebben een aantal populaties die met heel veel bloed, zweet en tranen op een min of meer constant peil wordt gehouden. Maar met heel wat obstakels op hun weg is uitwisseling van dieren tussen de verschillende locaties onmogelijk.

milieu-Kamsalamander 01.jpg

Gelukkig hebben we tot op heden nog een paar stevige populaties die voorlopig stand houden. Maar één fatale gebeurtenis of ingreep kan dit van vandaag op morgen veranderen. Zo zijn er plannen om dwars door één van de leefgebieden een collector aan te leggen. Volgens ons is de kans groot dat dit voor deze populatie nefast zal zijn. Na de nodige vergaderingen hebben wij alle betrokken instanties duidelijk gemaakt dat dit kan en moet vermeden worden. En wij hadden de indruk dat deze boodschap wel goed is aangekomen. Hopelijk met de nodige gevolgen als de werken effectief worden uitgevoerd. 

Dit is een schoolvoorbeeld van de stelling die in het artikel van Joachim wordt verdedigd. Bestaande populaties versterken en beschermen, leefgebieden vergroten en geschikt maken en als tussenoplossing soorten introduceren via translocatie. Doen of niet doen ? Het blijft een heikele kwestie. Maar wel eentje die het overwegen meer dan waard is.

20:44 Gepost door Dirk | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

woensdag, 20 september 2017

Straffe sluikstorters.

21740404_1844586489190480_7361710617148526273_n.jpg

De voorbije week geen flitsmarathon en ook geen wodka-controles maar een marathon om sluikstorters te klissen. En weet maar dat dit broodnodig is. Want als er iets is dat wij Belgen goed kunnen dan is het vuil kieperen waar het niet hoort. Sluikstorten kom je werkelijk overal tegen en dit ondanks een vrij goed afvalbeleid. Maar gemakzucht en centjes zijn de oorzaken dat sommige idioten hun vuil gewoon uit de auto kieperen of zelfs met aanhangwagens landbouwgebieden of natuurgebieden inrijden om hun vuilnis daar te dumpen. Volledige salons, volle koelkasten, tractorwielen… je kunt het zo gek niet bedenken of we zijn het al tegengekomen.

Zwervers.

Maar nog een veel groter probleem is zwerfvuil. Hier gaat het om kleine hoeveelheden of zelf dingen zoals blikjes, verpakkingen, sigarettepeuken en papieren zakboekjes (neen, die vergaan ook niet snel) die achteloos worden weggegooid. En het aantal mensen die dit doen is nog menigmaal groter dan de harde overtreders van de sluikstorters. De getallen die verschijnen in rapporten over deze kleine sluikstortjes zijn immens en kosten onze schatkist (en dus ook jullie) handen vol geld. En dan heb ik het nog niet gehad over de schade aan de natuur en de planten en beestjes die dit binnen krijgen (praat maar eens met een landbouwer met koeien die vlak langs een openbare weg grazen) of er verstrikt in geraken. Het is een probleem, een groot probleem.

Boetes.

En los je dit op met boetes ? Ja, volgens mij de meest effectieve methode. Acties en bewustmaking helpen ook. Zeker als je hiermee vroeg start. Hoe jonger hoe liever. Maar een groot deel van onze bevolking schiet pas wakker als je in hun portefeuille zit. Dan kan het plots wel. Nadat ze natuurlijk eerst degenen die hun dit "onrecht" hebben aangedaan stevig hebben uitgescholden. Maar uiteindelijk passen ze hun gedrag aan. Stevige boetes voor sluikstorten. Maar ook voor het weggooien van blikjes, verpakkingen en sigarettenpeuken. En controles natuurlijk zoals deze week. Maar dan het ganse jaar door. 

Yes we can.

De woorden van een president die niet als idioot door het leven ging (in tegenstelling tot de huidige clown). Er zijn landen en steden die hebben bewezen dat zwerfvuilvrij leven kan. In verschillende buitenlandse steden zie ik dat er zo goed als geen zwerfvuil rondslingert. Oslo was zo een voorbeeld. Kraaknet en dit tot in elk hoekje van elk plein en elke straat. Het gevolg van een jarenlang beleid van bewustmaking maar ook strenge boetes. Ik daag je uit om in China of Japan een sigarettenpeuk op de grond te smijten. ik kan je verzekeren dat je de volgend keer heel goed gaat nadenken voor je dit doet.

Dus wat hebben we geleerd :

1. Zorg dat je zelf geen sluikstorten of zwerfvuilgooier bent.

2. Spreek andere mensen die dit toch doen aan op hun gedrag.

3. En laat ons hopen dat degene die het toch doen een stevige boete in de bus krijgen.

18:01 Gepost door Dirk | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |